Academic Advancement Program – UCLA

WEBSITE
https://www.aap.ucla.edu/

INHOUD
The Academic Advancement Program (AAP) geïmplementeerd aan UCLA bestaat al meer dan 40 jaar en zet nog altijd zijn traditie van academische excellentie voort. Het programma is het grootste universitaire programma op the gebied van studentendiversiteit in de VS en is erkend als een van de ‘meest creatieve, succesvolle en innovatieve’ studentenprogramma’s in het land. Meer dan 5600 UCLA-studenten met diverse culturele achtergronden hebben baat gehad bij het programma door middel van de begeleiding en ondersteuning die beschikbaar is via AAP. AAP bevordert academische prestaties en excellentie via academisch advies, collaborative learning workshops, mentorprogramma’s, summer courses voor eerstejaarsstudenten en het verlenen van scholarships. AAP was oorspronkelijk gericht op Afro-Americans en Latinos, maar richt zich vandaag de dag een grotere groep studenten. Veel AAP-studenten zijn de eerste in hun familie die naar de universiteit gaan, hebben een migratieachtergrond, komen uit gezinnen met lage inkomens of zijn historisch ondervertegenwoordigd aan de universiteit. Het programma is holistisch en richt zich op zowel studenten als professionals.

DOEL
AAP richt zich op het verbeteren van de voorbereiding van studenten voor toelating tot de universiteit. AAP is geïmplementeerd als een route om uitval van studenten te verminderen en afstudeercijfers te verhogen. In de afgelopen 40 jaar is AAP getransformeerd van een reddings- en herstelmethode in een theorie gebaseerd op hoge verwachtingen en excellentie van studenten, samen met een ‘Community of Scholars’ -model dat de afgelopen jaren is ontwikkeld.

De missie van het programma is:

  1. Het academisch succes van studenten die historisch ondervertegenwoordigd zijn in het hoger onderwijs waarborgen;
  2. AAP-studenten informeren en voorbereiden op het hoger onderwijs;
  3. Academisch, wetenschappelijk, politiek, economisch en community leiderschap ontwikkelen dat nodig is om invloed uit te oefenen binnen de samenleving.

AAP bestaat uit een verzameling van innovatieve programma’s die meer dan 5600 studenten ondersteuning en begeleiding bieden. Circa 59% van de AAP-studenten komen uit historisch ondervertegenwoordigde culturele groepen (Hispanic / Latino, Afro-American en Native American).Daarnaast zijn circa 80% van de AAP-studenten de eerste in hun familie die gaan studeren aan een hoger onderwijsinstelling. Ongeveer 27% van het totale aantal bachelor studenten zijn AAP-leden. AAP helpt studenten bij het zien van uitdagingen en mogelijkheden als student en professional door middel van mentorprogramma’s waarbij studentbegeleiders een grote rol spelen.

 

 

DOELGROEP
AAP is een programma dat in de eerste instantie is opgezet voor Afro-American en Latino studenten en later is uitgebreid tot een grote ‘community of scholars’ gericht op een grotere groep studenten die kunnen profiteren van de aangeboden diensten. AAP richt zich vandaag de dag op studenten uit gezinnen met lage inkomens, eerste generatie studenten, studenten met een migratieachtergrond en students of colour. Deze studenten komen zowel rechtstreeks vanuit de middelbare school en vanuit de community colleges UCLA binnen. Het programma is een ‘safe haven’ voor studenten die afkomstig zijn uit families en omgevingen waar studeren aan een universiteit niet de norm is. Een groot deel van de AAP-studenten zijn nog steeds Latino, Asian en Afro-American studenten, maar culturele achtergrond is geen conditie voor werving. Affirmative action is juridisch niet toegestaan in Californië. Daarom zijn ook andere indicatoren zoals inkomensniveau, eerste generatie en ondervertegenwoordiging indicatoren voor werving.

AAP studenten maken ongeveer 26% uit van de totale UCLA studentenpopulatie. Ongeveer 1/3 van alle UCLA-studenten behoort tot één van de doelgroepen, wat het belang van het AAP aantoont. Hoewel een groot aantal studenten in aanmerking komt, maken alleen degenen die ervoor kiezen om mee te doen deel uit van de AAP-gemeenschap. Ongeveer 23% van de AAP-studenten zijn voormalige community college studenten.

AANLEIDING
AAP is opgericht in 1971 naar aanleiding van het Educational Opportunity Program (EOP) en het High Potential Program (HPP) van UCLA. Dit zijn twee vroege pogingen om de toegang voor studenten uit historisch ondervertegenwoordigde culturele groepen te verbeteren. Beide programma’s waren het gevolg van een bredere nationale strijd om de sociale, politieke en economische omstandigheden die gelijke kansen onmogelijk maakten voor ondervertegenwoordigde groepen in de VS te veranderen.

Net als vele andere grote onderwijsinstellingen in de VS in die tijd, was UCLA grotendeels ontoegankelijk voor Afro-Americans, Latinos, Native Americans en mensen met lage inkomens. In 1962 bestond de studentenpopulatie van UCLA ,bestaande uit meer dan 23.000 studenten, uit minder dan 100 Afro-American en Latino studenten. Er was een strijd gaande om de Amerikaanse samenleving meer toegankelijk te maken en gelijke kansen te creëren in het onderwijs. Het beste voorbeeld hiervan is de African American Civil Rights Movement die leidde tot de opening van de deuren naar UCLA.

Ervaringen uit de programma’s EOP en HPP maken duidelijk dat het verlenen van toegang tot de universiteit zonder enige institutionele betrokkenheid en inzet om een ​​effectief langdurig programma te ontwikkelen voor het behoud van studenten uit ondervertegenwoordigde studentgroepen niet als daadwerkelijke toegang kan worden gezien, maar meer als een draaideur die leerlingen verwelkomt en ze vervolgens weer wegstuurt. AAP was het product van diverse sociale bewegingen en een sociale strijd die gaande was om de deuren van de VS te openen voor diegenen die historisch gezien de toegang, mogelijkheden en rechtvaardigheid werden geweigerd.

THEORETISCH KADER
De Pedagogy of Excellence is ontwikkeld voor AAP en staat centraal in de ervaring van alle AAP-studenten. Studenten leren te geloven in hun recht om te studeren aan UCLA, trots te zijn op hun eigen prestaties als student en te participeren binnen het volledige scala van aangeboden campusprogramma’s en resources voor studenten. De Pedagogy of Excellence komt terug in alle AAP-programma’s en diensten voor studenten en heeft geleid tot significante programmatische veranderingen, minder uitval en hogere afstudeercijfers onder AAP-studenten. De Pedagogy of Excellence is de basis voor het vertrouwen in het potentieel van elke student en het hebben van hoge verwachtingen bij alle studenten.

 

 

INVLOED VAN EXTERNE FACTOREN
Zoals eerder vermeld is AAP opgericht naar aanleiding van een bredere nationale strijd om de sociale, politieke en economische omstandigheden die gelijke kansen onmogelijk maakten voor ondervertegenwoordigde groepen in de VS te veranderen. Er was een strijd gaande om de Amerikaanse samenleving meer toegankelijk te maken en gelijke kansen te creëren in het onderwijs. Het beste voorbeeld hiervan is de African American Civil Rights Movement die leidde tot de opening van de deuren naar UCLA. Bij de oprichting van AAP in 1971 maakte minder dan 1000 studenten deel uit van AAP. In 1982 werd dit aantal verhoogd naar ruim 3000 studenten. In de vier daaropvolgende jaren nam het aantal studenten explosief toe met meer dan 5000 studenten in 1986. Dit was onder andere het gevolg van de aanhoudende politieke druk om ondervertegenwoordiging van specfieke studentengroepen in het onderwijsysteem in Californië te overwinnen.

Hoewel het aantal studenten bij AAP bleef groeien, bleef het meer aan de rand van het campusleven opereren en plaats van dat het hier deel van uitmaakte. Dit leidde tot onbegrip bij een groot deel van de campusgemeenschap en een versterking van negatieve stereotypen van AAP-studenten. Dit beperkte AAP in de mogelijkheden om samen te werken met academische afdelingen en andere programma’s, wat heeft bijgedragen aan een patroon van lage afstudeercijfers bij AAP studenten. Tegelijkertijd gaf het opereren aan de zijlijn van de universiteit AAP de mogelijkheid om te experimenteren met andere curriculaire en pedagogische benaderingen die een alternatief vormden voor de standaard benaderingen. AAP was hiermee in staat om zijn Freshman Summer Program (1976) en Transfer Summer Program (1980) te ontwikkelen, waarbij werd geëxperimenteerd met verschillende manieren van onderwijzen en het ontwikkelen van een aanvullend curricula model.

In 1982 plaatste de universiteit AAP uit Student Affairs, waar in het hele land bijna alle programma’s die zich richten op en ondervertegenwoordigde studenten deel van uitmaakten, en AAP werd overgeplaats naar the College of Letters and Science. Deze beslissing, die achteraf weliswaar cruciaal bleek te zijn voor de langetermijnontwikkeling van AAP, werd in de eerste instantie gemaakt zonder een doordachte langetermijnstrategie om AAP in de academische omgeving te integreren. Het model en de programma’s van AAP bleven zoals ze eerder waren. Hetzelfde leiderschap werd voortgezet en bleef het programma runnen zoals tevoren. Daarnaast speelde de universiteit niet meer in op de behoeften van het groeiend aantal AAP-studenten. Hoewel de studentenpopulatie van AAP binnen vier jaar bijna was verdubbeld, voorzag de universiteit AAP niet in een adequaat budget, noch heeft AAP voldoende ruimte gekregen voor zijn groeiend aantal deelnemers. AAP is in stand gehouden, zodat de verantwoordelijkheid voor het behouden en succesvol afstuderen van ondervertegenwoordigde studenten bij AAP kwam te liggen in plaats van de universiteit.

Het feit dat AAP vandaag de dag grote sociale en politieke doelen nastreeft, is een erfenis van AAP’s oorsprong die een centrale rol blijft innemen bij de identiteit en missie van het programma. AAP bouwt voort op het nalatenschap van zijn voorlopers EOP en HPP door hetgene te vertegenwoordigen waar de Amerikaanse samenleving naar streeft: toegankelijkheid, gelijkheid, excellentie en mogelijkheden.

PROGRAMMA-ONTWERP EN METHODEN
Om de onderwijsomgeving voor AAP-studenten te verbeteren heeft AAP programma’s opgezet gericht op drie belangrijke behoeften:

  1. De voorbereiding op het hoger onderwijs en het concurrentievermogen van de studenten verbeteren en de overgang van de middelbare school en de community colleges naar de universiteit vergemakkelijken;
  2. Studenten ondersteunen door middel van academische begeleiding, educatieve workshops, peer learning en scholarships;
  3. Het voorbereiden van studenten op een bachelor en master opleiding.

Het programma is verdeeld in vijf units:

  1. Administratie, communicatie en evaluatie;
  2. Academische counseling;
  3. Mentoring, peer coaching en onderzoek;
  4. Vice Provost Initiative for Pre-College Scholars (VIPS);
  5. Center for Community College Partnerships (CCCP).

Drie van deze units (Administratie, communicatie en evaluatie, Academische counseling en Mentoring, peer coaching en onderzoek) zijn een wisselwerking met studenten aan UCLA, terwijl de overige twee (VIPS en CCCP) opleidingsactiviteiten organiseren aan middelbare scholen en de community colleges. Twee van deze eenheden (Administratie, communicatie en evaluatie en Academische Counseling) worden door professionals van de universiteit uitgevoerd, terwijl de overige drie eenheden zowel professionals als studenten inzetten.

Bachelorstudenten komen via verschillende wegen bij AAP terecht. Studenten die bij VIPS of CCCP zijn betrokken, worden voorafgaand aan hun inschrijving bij UCLA automatisch ingeschreven bij AAP, terwijl andere studenten die in de doelgroep vallen pas tijdens de inschrijving worden geselecteerd. In het verleden werden studenten die geïdentificeerd werden als AAP-studenten automatisch ingeschreven, maar dit is nu niet meer het geval met als reden om meer actieve betrokkenheid vanuit de studenten te vereisen. Op dit moment worden studenten die in aanmerking komen hiervan op de hoogte gesteld door middel van een e-mail die ze ontvangen na hun inschrijving. Ze dienen vervolgens deel te nemen aan een AAP oriëntatie sessie om hun lidmaatschap te activeren. De AAP oriëntatie sessie bestaat uit een één uur durende sessie, waarbij de studenten een overzicht krijgen van alle AAP-diensten en -beschrijvingen die duidelijkheid geven over hoe ze deze diensten kunnen gebruiken. Deze methode is grotendeels succesvol gebleken, maar huidige studenten suggereren dat aanvullende eisen voor lidmaatschap moeten worden aangemoedigd.

Zodra de oriëntatie periode is afgerond, worden de studenten ingeschreven bij AAP. De inschrijving wordt genoteerd in een database, zodat er zicht is op de studenten na hun inschrijving aan UCLA. AAP-studenten ontvangen counseling van AAP-adviseurs en komen in aanmerking voor een breed scala aan diensten, waaronder peer learning-groepen, peer mentoring en graduate mentoring. Deze diensten zijn bedoeld om AAP-studenten te ondersteunen bij de overstap naar een universiteitsomgeving, waarmee zij vaak weinig ervaring hebben en waarvoor hun middelbare schoolomgeving ze in de meeste gevallen niet voldoende heeft voorbereid.

 

 

DUURZAAMHEID

Holistische benadering
Een belangrijk element dat de duurzaamheid van APP waarborgt is dat het geen project is, maar een programma. Dit houdt in dat, in tegenstelling tot een project, het geen tijdelijk initiatief is afhankelijk van tijdelijke financiering en het onderdeel uitmaakt van de institutionele structuur met een specifieke en bewuste doelstelling gericht op ondervertegenwoordigde studenten. Het doel is het bieden van een infrastructuur, een academische gemeenschap en academische en maatschappelijke ondersteuning voor deze studenten om succesvol te kunnen afstuderen binnen de onderwijsomgeving van UCLA. De succesvolle uitkomsten van het programma zijn een goede stimulans voor duurzaamheid. Net zo belangrijk is de algemene missie en het beleid van UCLA op het gebied van diversiteit en de rol die UCLA voor zichzelf weggelegd ziet in de maatschappij.

De programma’s en activiteiten die onderdeel zijn van AAP houden rekening met alle dimensies van diversiteit. AAP is een holistisch programma en richt zich op relevante problemen voor zowel studenten als medewerkers. Het is een studentgericht programma dat betekent dat er rekening wordt gehouden met alle factoren die relevant zijn om het succes van studenten te verbeteren. Denk aan het curriculum, betrokkenheid bij de studentgemeenschap, betrokkenheid van ouders, universiteitsbeleid, universitaire diensten, professionele ontwikkeling en bewustzijn van medewerkers bij het werken met diverse studentenpopulaties. Het programma en de competenties van docenten en andere professionals die betrokken zijn bij het programma zijn zich bewust van het verschil in sociaal en cultureel kapitaal tussen verschillende groepen studenten.

AAP en The Center for Community College Partnerships (CCCP) brengen positieve berichtgeving naar buiten die aansluit bij ‘wereldstudenten’ met het doel om elke student de kans te geven om academisch en persoonlijk te excelleren. AAP en CCCP kunnen gezien worden als een ‘pathway approach’: een weg naar academische en persoonlijke excellentie aan een vier jaar durende universiteit met als doel een succesvolle afronding van een bachelor en een goede voorbereiding op een master of een andere vervolgstudie.

Elementen van het beleid en uitingen in de praktijk van AAP zijn een belangrijke inspiratiebron voor veel hoger onderwijsinstellingen in Nederland. Meerdere activiteiten van AAP zijn vertaald naar de Nederlandse context en zijn geïmplementeerd aan verschillende universiteiten in Nederland. Een voorbeeld hiervan is het Pre Academic Programme (PAP) aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. De reden voor replicatie is het streven naar bewezen initiatieven om de studiesucceskloof in het hoger onderwijs te verkleinen tussen studenten met een migratieachtergrond en andere studenten.

Partnerschappen
Een belangrijk onderdeel van het succes en de duurzaamheid van AAP is de samenwerking van UCLA met Community Colleges in de omgeving van LA. Het initiatief dat zich daarmee bezighoudt is the Center for Community College Partnerships (CCCP). CCCP is verantwoordelijk voor het ontwikkelen en versterken van academische partnerschappen tussen UCLA en ongeveer 21 community colleges, met name die met grote ondervertegenwoordigde studentenpopulaties.

AAP’s inzet voor sociale rechtvaardigheid en diversiteit komt terug in CCCP’s doelstelling om de toegang en het academisch success van studenten van community colleges te verbeteren. Dit doe ze door studenten te voorzien van vaardigheden en kennis met betrekking tot de verschillende mogelijkheden voor een overstap naar het hoger onderwijs

CCCP werkt nauw samen met community colleges om:

  • Succesvolle academische ondersteuningsprogramma’s te creëren;
  • De academische voorbereiding en het concurrentievermogen van studenten te verbeteren ten behoeve van een toelating tot de universiteit;
  • De diversiteit onder UCLA’s studentaanmeldingen te verhogen.

CCCP werkt daarnaast nauw samen met het UCLA Office of Undergraduate Admissions, het Community College Transfer Recruitment personeel en andere campusafdelingen om de strategie van UCLA te coördineren met community colleges.

RESOURCES
In 2010/2011 publiceerde AAP de jaarlijkse uitgaven van 5.477 miljoen dollar. Van de totale uitgaven bestond 45% uit state funds, waaronder general funds en studentgelden. Non-state funds waren afkomstig uit verkoop en diensten (33%), contracten en subsidies (6%) en giften en schenkingen (16%) en bedroegen 55% van de uitgaven van AAP.

De uitgaven afkomstig van giften en schenkingen omvat onder andere een scholarship dat jaarlijks meer dan 250.000 dollar spendeerd aan AAP-studenten. Momenteel bedraagt het fonds meer dan 3 miljoen dollar. Jaarlijkse beurzen variëren van 2.500 dollar tot 9.000 dollar.

RESULTATEN
AAP heeft het hoogste slagingspercentage onder historisch ondervertegenwoordigde studenten vergeleken met andere universiteiten in California en de grote publieke universiteiten in het land. Ongeveer 91% van de AAP-studenten heeft gezegd dat hun deelname aan AAP hun ‘sense of belonging’ bij de academische gemeenschap van UCLA heeft vergroot.

De meest indrukwekkende uitkomst vanuit een Europees perspectief is de toename van het behoud van studenten en het daarmee samenhangende slagingspercentage van de AAP-studenten. Het slagingspercentage in 1985 bedroeg ongeveer 45%. Dit aantal steeg in 2005 tot 87% en is in het afgelopen jaren nog meer toegenomen. Het verschil in studiesucces tussen AAP-studenten en andere studenen aan UCLA bedraagt slechts een klein percentage. Deze resultaten komen niet voor in OECD gegevens van de VS in het algemeen, maar zijn zeer nuttig voor universiteiten in stedelijke gebieden in Europa met vergelijkbare studentenpopulaties. Deze resultaten waren de reden dat ECHO in 2002 samenwerkte met collega’s van AAP en CCCP bij UCLA om de afgeleide kennis en resultaten te delen met professionals van Nederlandse hoger onderwijsinstellingen.

Geef een reactie