Mentoren op Zuid – HR

WEBSITE
www.mentorenopzuid.nl 

INHOUD
Via Mentoren op Zuid worden zo veel mogelijk studenten op een zo effectief mogelijke wijze ingezet als mentor voor leerlingen uit het basis- en voortgezet onderwijs. Scholieren krijgen één-op-één begeleiding bij het huiswerk, bij het kiezen van een vervolgstudie of bij het ontdekken van hun talent en algehele welzijn. Studenten leren in de praktijk hoe het is om iemand te coachen en ervaren de dynamische en grootstedelijke context van Rotterdam Zuid. Waar mogelijk gebruiken ze de voor hen relevante vakkennis om hun begeleiding optimaal in te zetten. Studenten werken in het netwerk van de school van de kinderen en reflecteren op hun eigen ontwikkeling door wekelijkse intervisies. Op deze manier ontwikkelen zij zich tot kritische professionals.

DOEL
Mentoren op Zuid is gericht op het verbeteren van de academische ontwikkeling en de toekomst van kinderen uit gebieden met een lagere sociaaleconomische status door middel van één op één mentoring. Scholieren uit het voortgezet onderwijs en basisonderwijs worden gematcht met studentmentoren van de Hogeschool Rotterdam. Scholieren krijgen op deze manier de juiste aandacht en begeleiding om succesvol het hoger onderwijs in te stromen en de studenten doen een leerzame ervaring op als mentor die aansluit op de benodigde vaardigheden voor de arbeidsmarkt. Het project is gestart met het matchen van 110 studenten van de Hogeschool Rotterdam en 110 scholieren van het basis- en voortgezet onderwijs. In de periode 2015-2016 werden ongeveer 700 studentmentoren en 600 basisschool en middelbare school scholieren getraind en gekoppeld als mentor en mentee. Het doel is om in de periode 2019-2020 ongeveer 2000 studentmentoren te trainen en matchen aan mentees.

Mentoren op Zuid maakt deel uit van een holistische aanpak binnen de Children’s Zone aanpak die wordt uitgevoerd in Rotterdam Zuid. Deze aanpak richt zich op het bieden van extra schooluren, carrière-oriëntatie, betrokkenheid van ouders en extra zorg en aandacht. Het doel hiervan is om bij te dragen aan een omgeving die de best mogelijke toekomst voor kinderen kan bieden. Om dit waar te maken heeft de Children’s Zone middelen toegewezen gekregen om bij te dragen aan de professionele ontwikkeling van docenten en kinderen voorzien van extra schooluren en support.

 

 

DOELGROEP
Mentoren op Zuid richt zich op twee doelgroepen: studenten van het basis- en voortgezet onderwijs (de mentees) in Rotterdam Zuid en studenten van de Hogeschool Rotterdam (de studentmentoren). Er zijn in totaal ongeveer 70.000 scholieren in Rotterdam Zuid en ongeveer 32.000 studenten ingeschreven aan de Hogeschool Rotterdam.

Meer dan 70% van de populatie in Rotterdam Zuid heeft een migratieachtergrond. 32% van hen zijn jonger dan 23 jaar. Er zijn veel verschillende culturen en gemeenschappen te onderscheiden en dat maakt het moeilijk specifiek beleid voor specifieke groepen op te zetten. Er bestaan daarnaast gemeenschappelijke uitdagingen die mensen in Rotterdam Zuid ervaren in de vorm van de volgende sociale kenmerken: huishoudens met een laag inkomen, kleine netwerken in relatie tot de arbeidsmarkt, slechte huisvestingsfaciliteiten, veel welzijnsafhankelijke families, taalachterstanden, hoge uitvalcijfers in het onderwijs en een relatief laag percentage studenten die het hoger onderwijs instromen ten opzichte van de rest van de populatie in Rotterdam.

Onderzoek en ervaring hebben aangetoond dat scholieren van basisscholen en middelbare scholen in Rotterdam Zuid geneigd zijn om hun studentmentor als rolmodel te beschouwen. Zij zijn meer bereid om begeleiding, complimenten en coaching te accepteren en hebben een meer open en positieve relatie met hun student mentor. Mentoren op Zuid biedt de leerlingen een bruikbaar netwerk, persoonlijke aandacht en een visie voor de toekomst. Het programma wordt geïmplementeerd door een programmateam en werkt samen met ongeveer 7 middelbare scholen, 7 basisscholen, 18 professoren van de Hogeschool Rotterdam en 6 academies van de Hogeschool Rotterdam.

AANLEIDING
Het project Mentoren op Zuid is geïnspireerd op eerdere ervaringen die zijn opgedaan tijdens het studentenbegeleidingsprogramma ‘Overtref Jezelf’ in Rotterdam-Zuid in de vorm van cross-age peer coaching. Er bleek steeds meer vraag te zijn van basisscholen en middelbare scholen in Rotterdam naar één-op-één coaching en mentoring van studenten van de Hogeschool Rotterdam. Het team van het Center of Expertise and Social Innovation bij de Hogeschool Rotterdam ontwikkelde het programma Mentoren op Zuid in nauwe samenwerking met basisscholen en middelbare scholen in Rotterdam Zuid. Na een succesvolle pilot aan het Rotterdams vakcollege de Hef, waar studentmentoren een cruciale rol spelen bij het ontwerpen van de methodologie en training van het programma, is de methodologie ontworpen en geïntegreerd in het curriculum van de Hogeschool Rotterdam.

Om de financiering van het programma te waarborgen heeft Mentoren op Zuid samengewerkt met Stichting de Verre Bergen, een filantropische foundation in Rotterdam. Om toezicht te houden op het programma werd een speciale foundation gecreëerd: Student Mentors of Rotterdam. Het bestuur van deze foundation bestaat uit vertegenwoordigers op uitvoerend niveau van de Hogeschool Rotterdam, het expertisecentrum, de voorzitter van het Onderwijsraad van Rotterdam Zuid en de Stichting de Verre Bergen.

Met betrekking tot methodologie en theoretische raamwerken is Mentoren op Zuid gebaseerd op mentoring in het algemeen, cross-age peer coaching, het onderzoek van Maurice Crul over superdiversiteit en het onderzoek van Iliass el Hadioui over de relatie tussen straatcultuur en schoolcultuur.

Het theoretische kader van mentoring in het algemeen is gebaseerd op:

  • de ervaringen die zijn verzameld tijdens het student mentoring programma ‘Overtref Jezelf’ in Rotterdam Zuid;
  • de kennis en inzichten die zijn opgedaan tijdens een studiereis in New York;
  • deskundig onderzoek naar bewezen successen van mentoren in de praktijk.

Het theoretische kader van cross-age peer coaching is gebaseerd op de mogelijkheid om een één-op-één relatie op te bouwen met een mentor die niet boven de mentee staat, maar naast de mentee. De mentoren zijn studenten die hun mentees in hun identiteit empoweren, die als rolmodellen dienen voor de mentees en die hen in staat stellen hun referentiekader uit te breiden. Mentoring is gebaseerd op het principe ‘hoe te helpen, niet te redden’ en wijst de student entor drie rollen toe: talentontwikkeling, coaching en tutoring. Het hoofddoel van de mentoren is om hun mentee actief te stimuleren om een hoger niveau te bereiken en hen te ondersteunen om dat niveau te bereiken.

Het theoretische kader van superdiversiteit door Maurice Crul heeft Mentoren op Zuid geholpen de realiteit, uitdagingen, maar ook mogelijkheden in een superdiverse stad zoals Rotterdam te begrijpen. Het theoretische kader over de relatie tussen straatcultuur en schoolcultuur door Iliass el Hadioui heeft de Rotterdamse Mentors geholpen de identiteitsontwikkeling van de studenten in Rotterdam Zuid, de noodzaak van identificatie met rolmodellen en het belang van een ‘sense of belonging’ te begrijpen.

Deze inzichten zijn vertaald naar de specifieke context van Mentoren op Zuid. De methodologie wordt regelmatig herzien en verbindt inzichten vanuit psychologie, pedagogiek, coaching, mentoring en sociologie met de realiteit en context van studenten in Rotterdam Zuid.

 

 

INVLOED VAN EXTERNE FACTOREN
Mentoren op Zuid worden gefinancierd door een particuliere filantropische stichting, genaamd stichting De Verre Bergen, en is niet afhankelijk van politieke steun. Het politieke klimaat in Nederland heeft echter invloed op het publieke debat over de multiculturele samenleving in Nederland en heeft een negatieve invloed op de houding ten aanzien van migratiegemeenschappen.

Mentoren op Zuid ontvangt support van het management van de verschillende basisscholen en middelbare scholen, de Hogeschool Rotterdam en van de wethouder van Jeugd en Onderwijs van Rotterdam. Stakeholders die het initiatief ondersteunen zijn stichting De Verre Bergen, de Hogeschool Rotterdam, faculteitsafdelingen, docenten en de schoolraad van Rotterdam Zuid. Andere belanghebbenden zijn de mentees, de studentmentors en de ouders van de mentees, maar ook bedrijven, zoals de Rabobank, die het programma ondersteunen door bijvoorbeeld het verzorgen van gastcolleges.

Demografische veranderingen die het programma beïnvloeden zijn het groeiende percentage jongeren in Rotterdam-Zuid, de lagere sociaaleconomische status, de groei van kinderen met verschillende culturele achtergronden (superdiversiteit) en meer recentelijk de groei van het aantal kinderen met een vluchtelingenachtergrond.

De doelstellingen van Mentoren op Zuid zijn afgestemd op de algemene aanpak van de Rotterdamse ‘Children’s Zone’ die zich richt op het verbeteren van de toekomst van kinderen in Rotterdam. Daarnaast komen de doelstellingen van Mentoren op Zuid overeen met de institutionele strategie en cultuur van de Hogeschool Rotterdam op het gebied van haar publieke verantwoordelijkheid ten aanzien van basisscholen en middelbare scholen. Deze strategie is gebaseerd op het idee dat professionals van de Hogeschool Rotterdam moeten worden voorbereid op een diverse omgeving en het feit dat veel kinderen uit Rotterdam toekomstige studenten aan de Hogeschool Rotterdam zijn.

PROGRAMMA-ONTWERP EN METHODEN
Het programma is ontworpen om de beste match tussen de studentmentor en de mentee te garanderen en hen te voorzien van de best mogelijke voorbereiding, mogelijkheden en hulpmiddelen om de doelstellingen van mentoring te bereiken. Een overzicht van deze stappen:

  1. Een programmateam selecteert deelnemende scholen. Het managementteam van deze scholen selecteren klassen met mogelijke mentees. Samen met de klasmentor wordt het doel van de les besproken.
  2. Samen met het managementteam van de verschillende instellingen van de Hogeschool Rotterdam zoekt het programmateam de beste aansluiting bij het curriculum van de studenten die deelnemen aan Mentoren op Zuid. Deze eerste twee stappen zijn nodig voor de werving van mentees en studentmentoren.
  3. Het programmateam matcht de studentenmentoren op basis van hun interesse en bekwaamheid voor het begeleiden van de mentees. Dit vereist dat zowel de studentmentoren als de mentees een passend tijdschema hebben om de mentoring te laten plaatsvinden.
  4. Na deze fase start de training en screening van de studentmentoren. Er worden minimaal twee trainingen georganiseerd. De mentees krijgen een aparte les om hen voor te bereiden op de samenwerking met de studentmentor.
  5. Na de training vindt de individuele matchmaking plaats: iedere studentmentor wordt gematcht met een mentee. Matching is gebaseerd op gedeelde belangen, interesses en schoolervaringen, omdat dit de belangrijkste factoren zijn voor het creëren van een positieve relatie. De eerste ontmoeting tussen de studentmentor en de mentee vindt plaats op de school van de mentee. De studentmentoren bieden de mentoring op de school van de mentee aan. Dit garandeert direct contact met de docenten en een veilige en vertrouwde omgeving voor de mentees.
  6. De studentmentoren geven ongeveer 20 uur een-op-één mentoring. Ze delen hun mentorschap in op basis van drie verschillende rollen: tutor (studieresultaten), coach (zelfdoeltreffendheid en zelfvertrouwen) en talentontwikkeling en carrièremogelijkheden. Elke mentorsessie vereist de nodige voorbereiding. Deze voorbereiding is verplicht en maakt deel uit van de studentevaluatie. Om de mentorsessie nog meer te verrijken wordt een toolkit (virtueel en in real-life) aangeboden.
  7. Na de mentorsessie nemen alle studentmentoren deel aan een intervisiebijeenkomst en reflecteren ze op hun effectiviteit als mentor. De interacties tussen het onderwijzend personeel van de school van de mentee en de Hogeschool Rotterdam en de studentmentoren zorgen ervoor dat er een netwerk wordt opgericht dat slechts één doel heeft: het verbeteren van de toekomst van de mentees.
  8. De studentmentoren dienen na elke mentorsessie na te denken over de effectiviteit van hun eigen coachingsvaardigheden. Aan het eind van hun mentoropleiding leveren zij een rapport in over hun mentee en reflecteren ze op hun professionele ontwikkeling. Dit rapport wordt beoordeeld door de Hogeschool Rotterdam.
  9. De mentoropleiding eindigt met een feestelijke sessie, waarbij studentenmentoren en mentees hun partnerschap beëindigen. Beiden ontvangen ze certificaten voor hun aanwezigheid.

De belangrijkste rollen van het programma worden vervuld door het programmateam (programmamanager, het hoofd van methodologie, de business process manager en de assistent), docenten van de Hogeschool Rotterdam (opgeleide professionals met een grondige kennis van coaching, vaardigheden voor relatiemanagement en ervaring met het omgaan met jongeren), schoolpersoneel (leidinggevend personeel van de school van de mentees), stagiaires (voormalige studentenmentoren, assistenten van de docenten van de Hogeschool Rotterdam) en de raad van bestuur (raad van bestuur, raad van de stichting van mentoren van Rotterdam).

De laatste eindresultaten van het project zijn:

  • 2013-2014: 100 studentmentoren getraind en gematcht.
  • 2014-2015: 375 studentmentoren getraind en gematcht.
  • 2015-2016: 700 studentmentoren getraind en gematcht.

 

 

DUURZAAMHEID
Het programma ontvangt financiering tot 2019/2020 van de stichting De Verre Bergen. Sommige uitgaven zijn investeringen, zoals de investering in een aanvraag om het mentorproces te laten beheren, kosten van de opleiding van docenten en het ontwerpen van de methodologie. Gezien een deel van de financiering door de Hogeschool Rotterdam zelf wordt gedaan en het programma is geïmplementeerd in de cursussen van de onderwijsinstelling, zullen de kosten naar verwachting afnemen. Er moet echter nog een aanzienlijke hoeveelheid financiering worden gewaarborgd. Om goed voorbereid te zijn op deze volgende fase wordt een exit-strategie ontworpen om toekomstige extra financiering en ondersteuning te garanderen om het programma voort te kunnen zetten. Mentoren op Zuid is momenteel verbonden met de Thomas More Hogeschool in Rotterdam om het programma te reproduceren.

RESOURCES
Mentoren op Zuid is een samenwerking tussen het Center of Expertise for Social Innovation (EMI) van de Hogeschool Rotterdam en stichting De Verre Bergen. De stichting neemt een deel van de financiering op zich. Andere middelen (het programma team en benodigde faciliteiten) worden verstrekt door de Hogeschool Rotterdam en de deelnemende scholen. Er zijn geen vrijwilligers betrokken bij dit programma. Het budget is vertrouwelijk.

RESULTATEN
Mentoren op Zuid is een op basis van data aangestuurde interventie en wordt nauwlettend gecontroleerd. Evaluatie en verbetering van de methodologie en uitvoering van het programma zijn diep ingebed in de structuur van het programma.

Evaluatie vindt plaats op verschillende niveaus:

  • op het niveau van de deelnemende scholen richt de evaluatie zich op uitvoering, effectiviteit, kwaliteit en impact;
  • op het niveau van studentmentoren en mentees richt de evaluatie zich op efficiëntie, effectiviteit en plezier;
  • op het niveau van docenten van de faculteit richt de evaluatie zich op voortdurende verbetering.

Deelnemers worden gevraagd een evaluatieformulier in te vullen na elke mentor / mentee-koppeling. Het programma wordt daarnaast gemonitord door een onafhankelijk onderzoeksbedrijf, genaamd Panteia. Deze onafhankelijke monitoring wordt gecontroleerd door een commissie van docenten vanuit verschillende disciplines. Panteia controleert de effecten en uitkomsten van de interventies en onderzoekt de langetermijneffecten. De eerste effectmonitoring was gebaseerd op het proces van het programma en was positief.

Onbedoelde maar positieve uitkomsten van het programma zijn een toename van het aantal gekwalificeerde en gemotiveerde leraren bij scholen in Rotterdam Zuid, een verbeterde voorbereiding op de arbeidsmarkt en stages en een toename van sociale verantwoordelijkheid onder studenten aan de Hogeschool Rotterdam.

Geef een reactie